Dode zeehond bij paal 10

Dood zeehondje. Foto Koos Dijksterhuis

Dood zeehondje. Foto Koos Dijksterhuis

We wandelen onder spectaculaire wolkenluchten met zonlichtshows naar paal 10 op het Oosterstrand van Schiermonnikoog. Het strand is voor de helft bedekt met kleine, jonge duintjes, elk met een kuifje van helmgras. De andere helft is zompig, want daar heeft de springvloed overheen geklotst en de regen op gehamerd. Er zijn grote plassen blijven staan. Brak water. Lees verder

FacebookTwitterShare

Gestroomlijnde eenden

Pijlstaarteend. Foto Koos Dijksterhuis

Pijlstaarteend. Foto Koos Dijksterhuis

Op Schiermonnikoog zit de Westerplas vol pijlstaarten, misschien wel onze mooiste eenden. Pijlstaarten zijn grijs met wit, crèmekleurige heupen en een donkere, bijna zwarte kop en nek, terwijl over hun hals aan beide zijden een witte streep achter hun oor langs omhoog priemt. Ze hebben een lange pijlstaart.

Pijlstaarten broeden in Rusland, Wit-Rusland, Letland, Finland, Lapland en Noorwegen en hier en daar in Zweden, Estland Litouwen, Polen, Duitsland, IJsland en op de Balkan. Heel soms kunnen ze hun ei kwijt in Nederland, dat echter vooral dienstdoet als winterverblijf en pleisterplaats. Nederland ligt aan de westgrens van ‘s pijlstaarts broed- en aan de noordgrens van zijn overwinteringsgebied. Van hier tot in Marokko en Turkije brengen ze de winter door, het liefst op grote meren en getijdegebieden. Op het water kunnen ze slapen zonder honden en katten of andere landroofdieren te vrezen. En ze vinden er voedsel – zowel dierlijk grut als plantaardige prut plukken ze met hun gevoelige snavels op de tast uit het water. Lees verder

FacebookTwitterShare

Slobeenden op de plas

Slobeend

Mevrouw Slobeend. Foto Koos Dijksterhuis

Als we op Schiermonnikoog om de Westerplas fietsen, stappen we even af bij de vogelkijkhut. Daar is altijd een kleurrijke waaier aan eenden te zien. Nu zit het vol slobeenden en pijlstaarten. Honderden van elk. Tussen hen ontdekken we hier en daar wilde eenden, krakeenden, smienten, wintertalingen en bergeenden. Aan de overkant rusten aalscholvers en kleine zilverreigers in hun vaste bomenrij, die op een schiereiland in het water uitsteekt. Lees verder

FacebookTwitterShare

Vreemde kostgangers in de tuin

Waterhoenen in de tuin. Foto Koos Dijksterhuis

Waterhoenen in de tuin. Foto Koos Dijksterhuis

De jaarlijkse verwennerij van de familie kauw is begonnen. Ik zou een stuk grofmazig gaas om het vogelhuisje moeten fabrieken, waar alleen de kleine vogels doorkunnen. Niet dat ik kauwen geen vogelzaad gun, maar waar de mezen, mussen, vinken en roodborstjes een halve week mee doen, dat werken de zes kauwen in een middag naar binnen.

Ze eten met onstuimige tafelmanieren en morsen met hun woeste gepik een groot deel op de grond. Daar groeiden eerst kerstrozen, maar die zijn verdrongen door een mini-akkertje van tarwe. Als de kauwen eten, posteren merels, tortels en houtduiven zich er graag onder. Zij ruimen de gevallen korrels op. Ook de kauwen zelf strijken na hun maaltijd graag nog even neer voor een toetje van hun eigen kliekjes. En soms waggelen de eenden uit de aan mijn tuin grenzende stadsvijver naar het akkertje. Ze snabbelen er een tijdje en wiebelstaarten dan weer terug. Lees verder

FacebookTwitterShare

Kaars of toorts?

zwarte toorts

Zwarte toorts. Foto Koos Dijksterhuis

Wandelend door de duinen van Schiermonnikoog treffen we een Verbascum aan in volle bloei. Op het eiland zijn koningskaars en stalkaars algemeen, al zijn ze er niet zo algemeen als in de Hollandse duinen en langs de grote rivieren. Beide verbasca kunnen bijna manshoog worden en vormen een fakkel van gele bloemen. De stalkaars steekt soms meerdere toortsen omhoog, heeft donkerder blad dat niet zo viltig behaard is als het blad van koningskaars. En stalkaars heeft donkere bloemhartjes. Ondanks de enkele toorts houd ik het op een stalkaars. Lees verder

FacebookTwitterShare

Doelloze vlinderstruik heeft zin

vlinderstruik Foto Koos Dijksterhuis

Foto Koos Dijksterhuis

Schiermonnikoog is een eiland en hoe winderig, nat en guur het daar ook kan zijn, er heerst een zeeklimaat en dat is mild. Koele zomers, zachte winters, als ik me de aardrijkskundelessen goed herinner. En dan verandert het klimaat ook nog! Misschien is de nachtvorst het eiland voorbijgegaan. Hoe dan ook blijken niet alleen sommige leeuwentandjes en dagkoekoeksbloemen nog te bloeien, maar staan op het groene strand zeemelkdistel en zelfs duizendguldenkruid nog in bloei. Lees verder

FacebookTwitterShare

Vlinder in huis

Dagpauwoog op zolder Foto Koos Dijksterhuis

Dagpauwoog op zolder. Foto Koos Dijksterhuis

Dagpauwogen en andere vlinders zoeken een onderkomen voor de winter. U kunt ze in schuren, onder afdakken en in dierenhokken aantreffen, in bunkers, kelders en hutten. Ook op zolder, in de badkamer en in de woonkamer kunnen ze verschijnen – overal waar maar een raampje openstaat of kieren de toegang verzekeren. Weten die vlinders veel dat daar de verwarming zal loeien? Lees verder

FacebookTwitterShare

Kramsvogel aan de appel

kramsvogel

Kramsvogel. Foto Koos Dijksterhuis

Er zit een kramsvogel in mijn tuin. Net als de pestvogels is hij misschien gevlucht voor de barre omstandigheden in het verre noordoosten. Ik zie overal kramsvogels. Ze broeden weliswaar vlakbij Nederland, maar slechts mondjesmaat erin. ’s Winters komen kramsvogels uit het buitenland aangezwermd.

De afgelopen eeuw hebben kramsvogels grote delen van Duitsland, België en Frankrijk gekoloniseerd als broedgebied. In Nederland broeden ze onregelmatig in kleine aantallen in het zuidoosten. In de winter verspreiden kramsvogels zich over bijna heel Europa. De broedvogels van Noord-Scandinavië en Noordoost-Rusland verlaten hun bevroren woonplaatsen. In Nederland zwerven ze rond in groepjes. Ze bevolken bosranden, bosjes en losse bomen en schuimen de velden af op zoek naar voedsel. Lees verder

FacebookTwitterShare

De aantrekkelijke supermaan

Bijna volle supermaan Foto Koos Dijksterhuis

Bijna volle supermaan. Foto Koos Dijksterhuis

Het was gisteren volle maan en niet zomaar volle maan maar volle supermaan. De maan stond dichterbij de aarde dan anders, en leek groter, terwijl hij vol in het zonlicht te zien was. Ware het niet dat het maandag zwaar bewolkt en regenachtig was. Gelukkig had ik de maan zondag al gekiekt.

De maan en de aarde vinden elkaar aantrekkelijk, ze draaien onafscheidelijk om elkaar heen. Ze houden ook van de zon, waar ze gezamenlijk omheen cirkelen. Met volle maan staan zon, maan en aarde op één lijn. De maan bevindt zich dan aan de buitenkant, verder van de zon dan de aarde. We zien de maan van haar zonnige kant.  Als de maan aan de zonkant van de aarde hangt, zien wij alleen de schaduwzijde en is het nieuwe maan. Lees verder

FacebookTwitterShare