Blauwwitte mees

Azuurmees. Foto Paul ter Haar

Waarom de azuurmees mij altijd nóg meer tot de verbeelding sprak dan de rouwmees of de bruinkopmees? Het zijn alle drie prachtige mezen uit het oosten; geen van drieën komt in Nederland voor. Ik denk vanwege zijn schitterende, blauw-met-witte verenkleed. Ik had nog nooit een azuurmees gezien. Maar nu wel!

In Bergen zit er een; het kan geen vogelaar ontgaan, want op internet struikelen de meldingen en foto’s over elkaar heen. Het is geloof ik de tweede azuurmees die in Nederland ooit gezien is. In april 2014 trok er eentje langs de telpost bij Breskens. Pleskes mezen zijn iets vaker in ons land betrapt. Pleskes mezen, genoemd naar de Russische ornitholoog Theodor Pleske, zijn kruisingen tussen pimpelmezen en azuurmezen. In Europees Rusland komen beide soorten voor. Kruisingen kunnen meer op pimpels of meer op azuurmezen lijken, wat de determinatie bemoeilijkt. Over de azuurmees in Bergen is heel wat gesproken. Had hij niet een zweempje geel op zijn borst? Dat zou op pimpelgenen kunnen wijzen. Was zijn kruin niet lichtgrijs in plaats van wit? Na tijdje luidde de conclusie: (volbloed)azuurmees.

Azuurmezen worden soms in volières gehouden. Die moeten geringd zijn, maar stel dat een vogelhouder het ringgebod aan zijn laars lapt en een vogel laat ontsnappen?

Enfin, hoe dan ook trekt de azuurmees bekijks onder vogelaars. Als ik het miniparkje betreed waar de vogel volgens de laatste berichten zou zitten, zie ik meteen waar ik wezen moet, al staan er slechts vier vogelaars (het is maandag) door hun gigantische lenzen naar de bosjes te turen, die me fijntjes meedelen dat ik net te laat ben. Hmm, hij zit er dus.

De zon breekt door, een buizerd zweeft over, een ekster nestelt, drie kepen snorren langs, een pimpelmees zingt. En dan verschijnt het blauwwitte kleinood, iets groter dan de pimpelmees. Een dotje. Ik maak foto’s maar één der vogelaars belooft me een betere…

(Natuurdagboek Trouw vrijdag 22 maart ’19)