Blauwzwarte reuzenbij

Blauwzwarte houtbij. Foto Koos Dijksterhuis

In Nederland is ie zeldzaam, maar de laatste jaren worden er iedere zomer wel een paar gezien, tot in Friesland en Groningen toe. De kans op waarnemingen stijgt, want het is een zuidelijke soort, en ons zeeklimaat wordt steeds zuidelijker, zoals u de laatste weken wel heeft gemerkt. Mocht ie er zijn, dan is ie niet over het hoofd te zien, want de blauwzwarte houtbij is onze grootste bij; zo groot als een fiks tuinhommel. Bovendien heeft ie een gitzwart lijf met paarsblauwe vleugels. In eerste instantie denk ik meestal aan een kever, als ik er een zie. Ik heb trouwens nog nooit een blauwzwarte houtbij in Nederland gezien; alleen in mediterrane landen.

Het zijn indrukwekkende dieren, zeker als ze driftig rond een bloem zoemen. Vooral de mannetjes kunnen woest achter andere mannetjes aangaan. De blauwzwarte reuzen hebben graag het rijk alleen. Hun Latijnse naam is Xylocopa violacea; gewelddadige of woeste houtbij. Toch steken ze niet gauw. Die wildebrassende mannetjes hebben niet eens een angel. De vrouwtjes steken alleen als je ze vastpakt en dan nog met tegenzin. Niet vastpakken dus.

In de lente en zomer vliegen ze, maar in de winter schuilen ze in dode, holle bomen, als het even kan door de zon beschenen. Lekker warm en veilig. In zo’n boom ontmoeten mannetjes en vrouwtjes elkaar en dan komt van het een het ander. Het vrouwtje knaagt een kraamkamer uit en boetseert broedcellen van houtsnippers en houtpulp.

Hoewel de blauwzwarte houtbij eruitziet als een hommel, het formaat heeft van een (grote) hommel en zich als een hommel gedraagt door onbereikbaar diepe bloemkelken van buiten te benaderen en lek te bijten, wordt ie door veel bijenkenners hardnekkig als een bij beschouwd en niet als een hommel. Maar dat kan Nederlandse precisie zijn: de Engelse hommelkoning Dave Goulson maakt geen onderscheid tussen hommels en bijen.

Ondanks zijn lichte toename in Nederland gaat deze bijzondere bij achteruit, zoals de meeste insecten achteruitgaan in landen met een industriële en chemische landbouw.

(Natuurdagboek Trouw donderdag 26 juli ’18)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *