Muggen komen niet op licht af

Mug vol bloed van de auteur Foto Koos Dijksterhuis

Ik ben van m’n geloof gevallen. Hoewel, gevallen? Het was een geleidelijk proces. In mijn kindertijd moest ik deuren en ramen dichthouden als het licht aan was. Anders kwamen de muggen. Muggen kwamen namelijk op licht af.

Het heeft jaren geduurd voor ik van die mythe bevrijd was. Zoals elk met de paplepel ingegoten misverstand is zoiets er nauwelijks uit te slijten. Gelukkig staat op het niet geloven in muggenlicht geen verdoemenis, maar wordt de afvallige beloond met een kleiner risico op steekmuggen.

Mijn secularisering begon in bed. Ik waande me veilig omdat het licht uit was, terwijl het licht op de gang brandde en de deur openstond. Toch was ik de klos. Ik dommelde net zo lekker en schrok wakker van gezoem. Ik klikte het licht aan, en zag de mug naar duistere regionen onder het nachtkastje vluchten.

Muggen komen niet af op licht, maar op kooldioxidegas. Dat ademen wij uit. Zo weet een mug ons te vinden. Wie alleen ligt, wordt geprikt. Wie het bed deelt, kan geluk hebben. Eenmaal gelokaliseerd, geven persoonlijke lichaamsgeurtjes de doorslag in de keus wie geprikt wordt.

In het donker kunnen insecten zich voor het verlichte raam verdringen, zoals ze zich ook om een buitenlamp kunnen verdringen. Tegenwoordig zijn er lang zoveel insecten niet meer als vroeger, maar op een camping in een natuurrijk vakantieland kan het rond een lamp nog druk worden. Wie buiten een kaars brandt, ziet soms een nachtvlinder, kever of langpootmug zich schroeien en in het kaarsvet belanden. Ja, langpootmuggen komen wel op licht af, en sommige dansmuggen ook.

Ik ben van mijn geloof af, en om ook van een mug af te komen, als één zo’n etterbak me wakker houdt, neem ik tegenwoordig een efficiënte maatregel: ik steek een voet uit de dekens. Dan komt er een muggenbult op, maar van het gezoem ben ik af.

(Natuurdagboek Trouw vrijdag 27 juli ’18)