Poppenrover jaagt op rupsen

Kleine Poppenrover Calosoma inquisitor. Foto Arp Kruithof

Tijdens een feestje in een tuin, in een Drents bos, rent er een kever door het gras. Het is een grote loopkever en hij haalt een flinke snelheid. Hij glanst donkerbruin, bijna zwart, met wat groenige weerschijn en een smalle, lichte zoom om zijn geribbelde schilden. Het is een poppenrover.

Ik probeer hem te pakken, wat niet meevalt, vanwege zijn snelheid en de behendigheid waarmee hij zich onder een plukje gras of blaadje weet te verstoppen. Waarom zou ik hem ook pakken? Normaal gesproken doe ik dat ook nooit, al was het maar omdat er kevers bestaan met krachtige, scherpe kaken. Maar nu is Arp Kruithof van de partij. Hij zit een eindje verderop argeloos te nippen van een glas wijn. Arp (her)kent de vele leden van obscure diergroepen als pissebedden, hooiwagens en wantsen. Van kevers weet hij ook veel en hij vindt de poppenrover vast interessant. Ik wil hem de kever laten zien, en daarna vrijlaten. In de holte tussen mijn handen voel ik het diertje duwen.

Het vrijlaten moet nog even wachten, want Arp slaakt een kreet van vreugde. Hij heeft nog nooit een poppenrover gefotografeerd en neemt hem mee in een klein doosje. Arp heeft zijn zakken altijd vol doosjes, en thuis heeft hij een kraamkamer ingericht met door hem verzamelde eitjes en larven. Daar komen de meest verrassende geleedpotigen uit, c.q. de op die geleedpotigen parasiterende sluipwespen.

De volgende dag stuurt Arp me de foto. De tor is 23 millimeter lang, hoewel Wikipedia meldt dat ze hooguit 22 millimeter worden. Ondanks dat formaat is het een kleine poppenrover. De grote bestaat ook, maar komt in Nederland niet of nauwelijks voor. Kleine poppenrovers zijn ook vrij zeldzaam, maar kunnen zich in tijden van rupsenovervloed, zoals nu, rap vermenigvuldigen. Poppenrovers jagen op rupsen nu, en zijn een geduchte vijand van onder meer eikenprocessie- en buxusrupsen.

De kever in kwestie heeft zijn vrijheid terug.

(Natuurdagboek Trouw vrijdag 24 mei ’19)