Stadsreus van de boer

Stadreus op roos. Foto Koos Dijksterhuis

Stadreus op roos. Foto Koos Dijksterhuis

Vaak zag ik in Bloemendaal een pad waar een bordje wijst naar het ‘landje van de boer’. Op woensdag- en vrijdagmorgen is een groep vrijwilligers aan het werk in deze ecologische bloemen- en moestuin, en op zondagmiddag wordt er thee en sap van eigen appels geschonken. Al een paar keer wilde ik er gaan kijken maar dan was het bijvoorbeeld zaterdag, dus toen ik er laatst op een vrijdagmorgen aan dacht, toog ik erheen.

Je blijkt er in geuren en kleuren langs en om de perken te kunnen wandelen. Onder de bloeiers bevinden zich vrij veel akkerkruiden als beemdkroon, klaproos en korenbloem, evenals de bijna uitgestorven bolderik, in de gebruikelijke paarse en zelfs een zeldzame witte vorm. Ook staat er een wonderlijke loofboom die Anna-Pauwlonaboom heet.

Waar het zo geurt en kleurt als hier zijn bijen te verwachten. Vooral de beemdkroon en de beemdooievaarsbek zijn in trek bij de bijen en hommels. Allerlei soorten zoemen er door elkaar. Ook diverse zweefvliegen zijn van de partij. Ik herken pyjamazweefvliegen, een citroenpendelzweefvlieg en leden van de familie der bijvliegen wier larven in zuurstofloos modderwater leven en via een snorkel ademhalen.

Maar de opvallendste zweefvlieg lurkt aan een roos. Het is een joekel van een zweefvlieg, met een lijf dat aan een hoornaar doet denken, al is het verschil gemakkelijk te zien omdat de zweefvlieg geen wespentaille heeft. De hoornaar is een reuzenwesp die de laatste jaren in Nederland voorkomt en die we verguizen zoals we elke wesp verguizen, ook al doet ie niks. Ook de stadsreus kan hoon en vliegenmeppers verwachten, had ie maar niet op een wesp moeten lijken.

Wie niet van wespen houdt, zou de stadsreus juist moeten omarmen, want deze zweefvlieg leeft als larve in een wespennest, waar hij wespenlarven eet. Nu zijn dat vrijwel uitsluitend dode larven dus als wespenbestrijder heb je er weinig aan. Hoe zo’n angelloze zweefvlieg een wespennest binnen kan dringen en het na de eileg levend weet te verlaten, is een mysterie.

(Natuurdagboek Trouw vrijdag 22 juni ’18)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *