Strandlopers, schelpen en een bot

Grote hartschelp. Foto Koos Dijksterhuis

Grote hartschelp. Foto Koos Dijksterhuis

Omdat ik in het Westland een lezing geef over mijn nieuwe boek over natuurwandelen, grijp ik mijn kans op een strandwandeling, en bezoek ik eindelijk de Zandmotor bij Ter Heijde. Dat is een uitstulping van het strand in zee, aangelegd met opgespoten zeezand om de smalle kuststrook te verstevigen.

De Zandmotor ligt er al zes, zeven jaar en intussen leven er schelpdieren en wormen in de bodem. Ik loop langs de waterlijn iedere golf die op- en weer afstroomt laat het zand knisteren en pruttelen van bellen en minifonteinen uit talloze holletjes.

Er liggen vele strandschelpen, kokkels en venusschelpen. Soms valt een forsere schelp op: een oeroude grote hartschelp; bros en versleten. Die heeft vast een hele tijd in de zeebodem gezeten en is met het zeezand opgespoten. Ik vind ook een fossiele Noorse hartschelp en diverse blauwgrijze tapijtschelpen uit pleistocene tijden.

Als ik de laatste wandelaar en hond achter me heb gelaten krijg ik gezelschap van zeven drieteenstrandlopers. Ze dribbelen op 42 tenen mee langs de waterlijn, pikkend in die holletjes om er de bewoners uit te peuren. Hoewel ze mij hooguit verdragen als voldongen feit, lijkt het alsof de drieteentjes me vergezellen. Maar kom ik dichtbij, dan snorren ze er met een afgemeten piepje vandoor.

Zoveel venusschelpen bij elkaar zie ik niet vaak. Ik houd van venusschelpen, ik heb er een glazen pot vol van en voel de verleiding ze op te rapen, maar er is geen beginnen aan. Een enkele heeft een kogelgaatje onder de top, daar waar bij leven van het weekdier beide schelpen aan elkaar vast zitten met een sluitspier. Zo’n gaatje wordt met jobsgeduld uitgefreesd door een tepelhoren, die daarvoor een ruwe rasptong heeft. De slak slobbert zijn prooi door het boorgat op.

Ik vind een oud bot en vertel dat ’s avonds aan mijn publiek. In de zaal zit boswachter Fred Spreen van het Zuid-Hollands Landschap dat de Zandmotor beheert. Hij gokt ongezien dat het een mammoetbot is. Er worden namelijk regelmatig mammoetbotjes gevonden. Als ik mammoetjager Dick Mol later een foto mail, vermoedt deze echter dat het een fossiel stuk schouderblad is van een walrus. Maar voor zekerheid zou hij hem in het echt moeten zien. Wordt wellicht vervolgd…

(Natuurdagboek Trouw woensdag 28 naart 2018)