Drieteenstrandloper vliegt 6000 kilometer non-stop

De drieteenstrandloper in Zuid-Noorwegen

Geen zender, toch gespot

Een drieteenstrandloper, met een vertrekgewicht van amper een ons, vloog in minder dan vijf dagen 6000 kilometer van Noorwegen naar Ghana. De vogel werd 11 augustus 2009 gefotografeerd in een guur Zuid-Noorwegen. Op 16 augustus zag een Ghanese bioloog hem onder de kokospalmen op het strand van Esiama. De strandloper was te herkennen aan pootringetjes in verschillende kleuren. Biologen van de Rijksuniversiteit Groningen en de Universiteit van Accra in Ghana kleurringen de vogels om hun leefwijze en overlevingskansen te onderzoeken.

Lees het persbericht hier verder

Akkervogels

voorkant boekomslag akkervogelsAkkervogels, wat zijn dat, wie zijn dat en hoe zijn ze te beschermen? Tientallen portretten van alle akkervogels van Europa, van akkerbouwers en natuurbeschermers. Met veel prachtige foto’s van natuurfotograaf Hans Hut.

Uitgeverij Roodbont, 144 pagina’s, ISBN 9789087400606
Prijs €.19,95

Klik op afbeelding om naar de voorbeeldpresentaties te gaan (14 pagina’s)

Zomertarwe voor winterse vogels

Geelgorzen, grauwe gorzen, patrijzen, velduilen, kiekendieven; voor akkervogels is ook in de moderne, intensieve akkerbouw veel te bereiken. Door een veldje zomertarwe te laten staan, kom je al een heel eind. “Het kan, als we het maar willen.” Lees “Akkervogels” verder

Dijkzathe informatie

foto voorkant Dijkzathe

Dijkzathe is een 6 persoons vakantiehuis op Schiermonnikoog. Het ligt aan de rand van bungalowpark de Monnik. Er is ruim eigen terrein bij het huis. De afstand van het huis tot het strand is ongeveer 1500 meter.

Dijkzathe is in 2009 verbouwd. Het huisje is toen een stuk groter geworden: er is een nieuwe keuken met apparatuur en een nieuwe badkamer met toilet. Bovendien is er een tweede toilet aangelegd en centrale verwarming. Zie foto’s Dijkzathe via deze link.

Meer informatie/reserveren

Informatie en boeken via https://op-schiermonnikoog.nl/ de informatiepagina van Dijkzathe. Daar vindt u ook het verhuuroverzicht en kunt u zien of er nog plaats is.

Plattegrond (na verbouwing 2009)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Park De Monnik

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

plattegrond Schiermonnikoog (Google Maps)

Groenland 16 – IJsbeer

In een waarschuwingsfolder over ijsberen lees ik de truc van het ontkleden. Ik zou nu wat meer kledij kunnen afstaan, maar een boze beer met honger of met jongen taalt volgens mij niet naar rondslingerende kleren. Die valt aan en rent aanmerkelijk sneller dan ik, ondanks mijn uitstekende bergschoenen. Ze komen hier zelden, maar je zult beleven dat als er dan eens één komt, ik juist in mijn eentje rondsjouw. Beren met honger of jongen zijn er in de lente. Het is nu lente.

In een rommelhok van het veldstation liggen een paar knalgroene paraplu’s. Stichter Hans Meltofte gebruikte die tegen ijsberen. Ook op Spitsbergen, waar veel ijsberen zijn, bewapenen onderzoekers zich met paraplu’s. Als je de plu openklapt, schrikt de ijsbeer zo van het plotselinge, oogverblindende groen, dat hij op de vlucht zou slaan. Hans heeft voor Zackenberg extravagante modellen uitgezocht, waar met de plu een soort kikkergezicht met grote ogen uitklapt. Leuk voor kinderen, de schrik voor ijsberen.

Of zou het een ijsbeer juist nieuwsgierig maken? IJsberen bedoelen het meestal niet kwaad, maar hun nieuwsgierigheid kan angstaanjagend zijn. Nico Tinbergen schrijft er droog over in Eskimoland: ‘Een ijsbeer die niet aangevallen wordt, schijnt zelden gevaarlijk te zijn, en de meeste ongelukken gebeuren (…) doordat een mensch, die ergens in een gebukte houding stil bezig is, door een beer niet als een mensch herkend wordt, waarop hij het vreemde voorwerp op berenmanier onderzoekt, wat wil zeggen, dat hij het een flinke klap met de voorpoot geeft, om te zien wat het doet. Dan komt van het een het ander, en dan is een gewapend mensch beter af dan een ongewapend.’ Ik heb geen wapen. Ik heb ook geen walkietalkie of GPS. Zelfs mijn kompas heb ik niet bij me, die zit nog in mijn kleine rugzakje. Zolang het niet mist, zal ik niet verdwalen.

Groenland 15 – Poolvlinders

rups Wollige Beer

Er vliegen in Groenland twee soorten parelmoervlinders rond. De Arctische vliegt op hoge berghellingen, de ander in het laagland. Ze hebben verschillen iets in vleugeltekening, wat alleen in de hand te bekijken is. Als het koud is, kun je ze met de hand vangen. Op welke bloemen ze hun eitjes afzetten? Ik denk dwergwilg, want dat schijnen ze in Canada ook te doen. In Europa komen ze alleen in Lapland voor. De parelmoervlinders in West-Europa houden van viooltjes en nog meer bloemen die Groenland mist.

Toen ik hier twee jaar geleden in juni was, vlogen er geen vlinders, maar vonden we wel rupsen. Kleine parelmoervlinderrupsen en dikke, zwart met gele, harige rupsen. Ook hun cocons vonden we, soms met pop, soms al leeg. Hun vlinders zijn zwart en wollig: wollige beren. Beervlinders zijn nachtvlinders, maar tijdens hun vliegtijd valt de nacht nooit. De rupsen zijn uitstekend bestand tegen de lange poolnacht, dankzij de glycerol die door hun aderen stroomt. Antivries. Ze leven zeven tot veertien jaar voor ze één zomer als vlinder rondfladderen. Zeven jaar rups voor zeven weken vlinder.

Behalve vlinders en muggen zijn hier hommels en vliegen. Drieteenstrandlopers pikken de vliegenmaden uit de rottende krengen van muskusossen. Die krengen kunnen maar twee maanden per jaar rotten en dan rotten ze goed ook. Het gonst er van de vliegen. De veronderstelling dat de strandlopers aan de Noordpool een steriele leefomgeving vinden, treden ze met hun (drietenige) voeten. Maar waarom broeden ze dan zo vreseljk noordelijk? Lees er alles over in Een Groenlander in Afrika.