Tagarchief: wadden

Noordhoren op Engelsmanplaat

Noordhoren Engelsmanplaat. Foto Koos Dijksterhuis

Noordhoren Engelsmanplaat. Foto Koos Dijksterhuis

Op het strand zigzaggen mijn ogen telkens even voor mijn voeten langs. Die gewoonte is er van kinds af aan ingesleten. Niet dat ik bang ben voor valkuilen, glasscherven of andere ongemakken. Nee, ik zoek naar schelpen.

Op Engelsmanplaat ben ik voor het eerst. Ik mocht mee met de Pierewaai en ben benieuwd wat voor schelpen we vinden. Langs de zandrug aan de noordzeezijde, Rif genaamd, liggen de meeste schelpen. Het zijn de gebruikelijke strandgapers, boormossels, kokkels, strandschelpen en zwaardschedes. We vinden twee wulken, steviggebouwde slakkenhuizen. Ze zijn niet zeldzaam, al zijn ze een kleine eeuw geleden in de Waddenzee uitgeroeid door de toen al te intensieve visserij. In de Noordzeebodem leven ze nog. Lees verder

Engelsmanplaat

Engelsmanplaat. Foto Koos Dijksterhuis

Engelsmanplaat. Foto Koos Dijksterhuis

Uitwaai-bureau de Pierewaai huurt vaak het motorschip Boschwad om met een groepje natuurliefhebbers de Waddenzee op te varen. Dit keer wendt Bram Adema van de Pierewaai de steven naar Engelsmanplaat, een wadplaat tussen Ameland en Schiermonnikoog. Ik ben op bijna alle waddeneilandjes en –platen weleens geweest, maar nog nooit op Engelsmanplaat, al heb ik nog zo vaak het paalhuisje en baken zien liggen. Van Schiermonnikoog, van de veerboot, van de dijk bij Paesens. Lees verder

Op de rand van riet en zee

Foto Koos Dijksterhuis

Foto Koos Dijksterhuis

Als ik dan toch in Oost-Groningen ben, kan ik net zo goed helemaal naar de marge van ’s lands periferie gaan. Dat fantastische plekje op de grens van Nederland en Duitsland, van land en zee. Nieuwe Statenzijl, met de Kiekkaaste van het Groninger Landschap. Die kijkhut staat op stoere poten op de rand van riet en waddenslijk. Riet in een zeearm met een flink getijdeverschil, waar vind je dat? Hier dus. Het is één van de mooiste plekjes van Groningen, Nederland, Europa, Wereld, Heelal. Vooral tegen de avond, als de zon in de Eems zakt en de roep van scholekster de stilte benadrukt. Lees verder

De bosrand van de singel

Zonsopkomst achter het huisje. Foto Koos Dijksterhuis

Zonsopkomst achter het huisje. Foto Koos Dijksterhuis

Naar Schiermonnikoog, voor het eerst sinds september. Het dorp is lichter dan ooit. Veel van de iepen zijn gevloerd. Ik had de schade van de orkaan van eind oktober nog niet gezien.
Rond ons huisje liggen de terrassen en het grasveld onder de afgebroken takken. Maar de bomen in de singel staan nog overeind. Huurders hadden ons gewaarschuwd, dat het huisje de storm glansrijk doorstond. Ook de zonnepanelen bleven stoïcijns liggen.

De windsingel camoufleert het zomerhuisjespark. Omgekeerd beschermt hij de huisjes tegen wind en weilanden. Ooit vonden we het jammer dat de bomen het uitzicht op de opkomende zon en de zeedijk belemmerden. Maar de veeteelt intensiveerde, en het was maar goed dat de singel inwaaiende drijfmest tegenhield. Tijdens het mest uitrijden was de stank niet te harden.

De singel werd ouder en hoger, met aan weerszijden een dicht begroeide bosrand. Groen tot op de bodem. In het struikgewas scharrelden egels, broedden zwartkopjes en zelfs braamsluipers. Helaas denken mensen bij bomen vaak aan bijlen en zagen en ja hoor, er werd door het zomerhuizencollectief een smoes gevonden om de buitenste bosrand te vernietigen, zodat er een onverharde weg om het parkje kwam te liggen, waarover groot materieel kon rijden. Dat er ook vakantiegangers en honden zouden lopen was niet gepland. En dus kwamen er hoge, afschrikwekkende hekken.

Maar de bosrand was weg, het bos lag open, de braamsluipers meldden zich niet meer. Er viel zonlicht op de bodem onder de bomen en vooral waaide er mest naar binnen. Braamstruiken woekerden gretig om zich heen. En er kwam weer uitzicht. Op de weiden? Nee, het gras was vervangen door snijmaïs, het gewas dat meer drijfmest verdraagt dan welk gewas ook.

(Natuurdagboek Trouw 26 feb. 2014)

De polders van Vlieland

Rotgans.  Foto Koos Dijksterhuis

Rotgans. Foto Koos Dijksterhuis

Op Vlieland fietsen we naar de Kroon’s Polders. Dat is een gekke zin. Het zou ‘naar Kroons Polders’ moeten zijn of ‘naar de Kroonspolders’. Maar op Vlie zijn de polders nou eenmaal de Kroon’s polders, met apostrof. De polders zijn genoemd naar opzichter Kroon van Rijkswaterstaat. Kroon damde tijdens de eerste decennia van de twintigste eeuw vier stukken Posthuiswad in, halverwege het eiland. Vlieland had een wespentaille, waar het in twee delen uiteengedreven zou kunnen worden. En land offeren aan de zee was toen nog ondenkbaar. Lees verder